Nieuwe zekerheden voor schuldeisers – het nieuwe pand

De “nieuwe” pandwet dateert reeds van 2013 en is uiteindelijk in werking getreden op 01.01.2018.
De wet versterkt 3 reeds bestaande zekerheden voor schuldeisers zodat deze werkbaarder worden en meer gewicht hebben in de praktijk : het registerpand, het eigendomsvoorbehoud en het retentierecht.

Deze 2 laatste worden in een volgende editie toegelicht; hier vindt u alvast een korte uiteenzetting met betrekking tot de nieuwe pandregels.




Voor de inwerkingtreding van de nieuwe pandwet diende een pand steeds overhandigd te worden door de pandgever aan de pandhouder. Behalve voor een pand op handelszaak (enkel ten voordele van financiële instellingen) of bij de inpandgeving van schuldvorderingen, was telkens een buitenbezitstelling vereist; het verpande goed diende dus effectief overhandigd te worden aan de schuldeiser. Dit bracht met zich mee dat er bijzonder weinig goederen in pand werden gegeven als zekerheid in zakelijke transacties.
Tengevolge van de nieuwe pandwet kan een pand worden ingeschreven in een pandregister, zie https://financien.belgium.be/nl/E-services/pandregister.

Tussen de schuldeiser (pandhouder) en de schuldenaar (pandgever) wordt een overeenkomst afgesloten waarbij één of meer roerende goederen worden in pand gegeven als waarborg voor één of meerdere schuldvorderingen (of een bepaald plafond).

Gezien de schuldenaar het verpande goed niet langer hoeft af te geven, kan bv een bedrijfsvoertuig of een machine worden verpand als zekerheid voor een handelstransactie.

Deze pandovereenkomst wordt tegenstelbaar aan derden door de registratie van het pand in het pandregister. Derden zullen het pandrecht van de pandhouder-schuldeiser dienen te respecteren. Voor de professionele koper geldt dit zelfs wanneer hij het goed te goeder trouw van de pandgever of een derde heeft gekocht. Professionele kopers zullen er dus goed aan doen om het pandregister te raadplegen als zij roerende goederen van een zekere waarde aankopen, zeker als deze buiten de normale bedrijfsvoering van de verkoper vallen; het pandregister is daarbij voor eenieder toegankelijk. 

De schuldenaar-pandgever dient als een goed pandgever zorg te dragen voor de in pand gegeven goederen en dient deze op redelijke wijze te gebruiken, conform een normale bedrijfsvoering. De pandgever blijft gerechtigd (tenzij andersluidende overeenkomst) om de in pand gegeven goederen te verkopen in het kader van een normale bedrijfsvoering. Zo kan bv. een stock worden in pand gegeven, waaruit op continue basis goederen worden verkocht en aangevuld.

De bedoeling van de wet ligt er in dat de waarde van de zekerheid behouden blijft gedurende de duur van de inpandgeving zodat de overeenstemmende schuldvordering gewaarborgd blijft.
Als de schuldenaar-pandgever in een B2B-relatie dan onverhoopt niet tot betaling overgaat, hoeft de schuldeiser-pandhouder niet naar de rechtbank om zich het pand toe te eigenen maar kan hij zelf een uitwinningsprocedure opstarten.

De nieuwe pandwet biedt mogelijkheden voor verkopers om een bijkomende zekerheid te verwerven bij verkoop aan nieuwe klanten of klanten met een niet-gekende solvabiliteit en een mogelijkheid voor startende of minder kapitaalkrachtige kopers om contracten af te sluiten.

Voor de professionele verkopers is het evenwel opletten geblazen bij de aankoop van mogelijks in pand gegeven goederen.

Voor meer informatie, contacteer Isabel Goris


e10c42f5-2946-4148-872c-4c5ba0c5dc74
2b48007d-783f-4674-bc96-a86e8b212ec1
7a2f76f2-77c8-4a41-b5b3-f920096be45c
                       CGK Advocaten • Paleisstraat 24 • 2018 Antwerpen
                                           Info@cgkadvocaten.be
GORIS, KIPS en MAES BVBA - BE0461.168.781  -   LEPERE ADVOCATEN BVBA - BE0875.340.173